“
Geert Ostyn (Weegschaal) groeide op in het West-Vlaamse Staden, waar zijn vader Eli Ostyn in 1960 Obumex oprichtte. Aanvankelijk maakte het familiebedrijf schoolmeubilair met onderstellen in gebogen metalen buizen – vandaar de naam: Ostyn BUizen MEtaal X. Later volgde de eerste witte formicakeuken. Sindsdien veroverde Obumex de wereld met keukens, totaalinrichting en maatmeubilair. Het bedrijf met meer dan honderd medewerkers klokte in 2024 af op een omzet van meer dan 46 miljoen euro. Geert Ostyn legde mee de basis voor dat wereldwijde succes. In 1984 kwam hij aan het hoofd van Obumex te staan. In 2021 gaf hij de CEO-fakkel door aan zijn zoon Thomas. Als voorzitter van de raad van bestuur blijft hij nog adviseren, coachen en belangrijke projecten opvolgen. La Gazette ging in de showroom in Gent op zoek naar de mens achter de ondernemer. We kwamen buiten met tien quotes die Geert Ostyn typeren. Tien zinnen over stijl, schoonheid, waarden en plezier in je werk.
1. DE DURVER
“Ik schreef John Pawson een brief: wil jij een keuken voor ons ontwerpen?”
25 jaar geleden. De Britse sterarchitect John Pawson was dé referentie in minimalisme – Calvin Klein in New York, de luchthaven van Hongkong. Geert Ostyn schreef hem gewoon met de vraag of hij een keuken voor Obumex wou ontwerpen.
Pawson zei ja. Ze plannen twaalf vergaderingen vooruit. Maandelijks pendelen de twee mannen tussen Staden en Londen. De briefing: een keuken zoals een Porsche 911. “Tijdloos aanvoelend. Met de juiste proporties. 25 jaar later krijgen we nog nabestellingen.”
De signature kitchen wordt gelanceerd op Interieur in Kortrijk. De internationale vakpers smult ervan. Dealers uit Hongkong, Miami en New York melden zich. Obumex staat wereldwijd op de kaart.
Er zouden nog heel wat signatuurkeukens volgen, met onder meer Joseph Dirand, Glenn Sestig, Nicolas Schuybroek, … De regel blijft eenvoudig: “Er moet een klik zijn met de designer. Anders doen we het niet. Er komt volgend jaar een nieuwe signatuurkeuken, maar meer kan ik daar nog niet over vertellen.”
2. DE WERELDBURGER
“De hele wereld passeert onze winkel in de Rue de Lille in Parijs.”
Als je Geert Ostyn vraagt waar hij het meest trots op is, verwijst hij naar de internationalisering van Obumex. Er zijn vandaag boetieks in Staden, Knokke en Gent. Maar ook in Zürich en Parijs. “We zitten daar in de Rue de Lille op wandelafstand van het Musée d’Orsay. Ons cliënteel komt van over de hele wereld. Dan moet je aanwezig zijn waar die wereld passeert.”
Ostyn is discreet over de beroemde klanten van het bedrijf, maar je vindt Obumex in de penthouses en buitenverblijven van heel wat groten der aarde. “Zonder pretentie: wij worden gevraagd door de grote decorateurs, interieurontwerpers en architectenbureaus.”
De tijdloze originaliteit van de ontwerpen, de betrouwbaarheid, de kwaliteit van de opvolging en de duidelijke communicatie vallen in de smaak bij het internationale cliënteel. Soms wordt dat evenzeer op prijs gesteld als het ontwerp zelf. “In Frankrijk vragen klanten steeds vaker expliciet naar onze Belgische teams voor de renovaties of afwerking van hun villa’s en chalets.”
3. DE WAARDENBEWAKER
“Kwaliteit, duurzaamheid, innovatie en service: dat mag niet verloren gaan.”
Geert Ostyn aarzelt niet als hij de waarden opsomt die Obumex richting geven: kwaliteit, duurzaamheid, innovatie en service.
Kwaliteit is bij Obumex geen abstract begrip. Het zit in een handgreep die 3 centimeter breed is in plaats van 2,5. In fineer zonder knopen. In een verlichtingsplan dat rust uitstraalt in plaats van overdaad.
Duurzaamheid is synoniem met denken op lange termijn. Ga niet voor de snelle deal, maar voor de klant die over tien jaar terugkomt. “Klanten op leeftijd die hun villa verkopen en naar een appartement verhuizen, willen daar ook met Obumex werken. Mensen die opgegroeid zijn in een Obumex-interieur willen dat ook in hun eigen huis.”
Innovatie is mee zijn met de laatste keukentoestellen. En om tijdloos te blijven moet je blijkbaar ook de trends in de gaten houden. “Wij werken al meer dan 25 jaar samen met trendwatchers.”
Service is bij Obumex niet de taak van een dienst na verkoop. “Die ingesteldheid zit overal in onze processen. Een verslag om de twee weken als we installeren bijvoorbeeld. Eén enkel aanspreekpunt. En extra snelheid als de werking van de keuken in het gedrang komt. Dringend betekent dan meteen.”
4. DE ZOON
“Ik mocht zelf mijn kot inrichten, niet zo vanzelfsprekend in die tijd.”
Als student in Gent mocht Geert Ostyn zelf zijn kot inrichten en schilderen. “Dat was toen minder evident. Ik kreeg van mijn vader een wit Italiaans meubeltje. Ik zette daar mijn zwarte Braun-muziekinstallatie op. Dat heeft er altijd in gezeten: de passie voor het mooie, voor materiaal dat mooi is en onderhouden moet worden.”
Die passie voor schoonheid kreeg hij van zijn ouders mee, lang voor Obumex de naam had die het vandaag draagt. Zijn vader was streng, maar correct. Maniakaal op het gebied van details en afmetingen. Zijn moeder versterkte het gevoel voor schoonheid.
“In mijn studies kwam van alles aan bod: creativiteit, economie, marketing, … Het meeste leerde ik echter van mijn vader. Dat was fenomenaal: technische kennis, creativiteit, gevoel voor proporties. Oh, man.”
5. DE STILIST
“Zuid-Frankrijk is bij ons in drie zones verdeeld. Dat heeft met stijl te maken.”
“Ramatuelle en Saint-Tropez zijn meer bohémien. Saint-Jean-Cap-Ferrat moet chic zijn. Monaco is ook chic, maar strakker. Elk van die zones vraagt andere materialen, andere kleuren, een andere benadering.”
De geografische onderverdeling van Zuid-Frankrijk weerspiegelt een logica die Obumex overal in zijn bredere stijlfilosofie hanteert. Het bedrijf werkt intern met vier basisstijlen: minimalisme, hedendaags, hedendaags-klassiek en klassiek. Elke stijl heeft vervolgens een geografische variant: landelijk, stad, zee of gebergte. En elk van de mogelijke combinaties vraagt andere materialen.
In een eerste gesprek met een klant – het intakegesprek dat Geert Ostyn ‘superbelangrijk’ noemt – moet een ontwerper kunnen schakelen: welke van de vier stijlen past hier? Wat is het budget? Wat zijn de accenten? En pas dan start het ontwerpteam. Die teams zijn bij Obumex de voorbije decennia enorm geëvolueerd. “Ik ben echt heel trots op onze mensen. Waar ze vroeger enkel keukens ontwierpen, begeleiden ze vandaag volledige high-end interieurprojecten. Elk ontwerp ontstaat op basis van samenwerking. In onze teams zitten ook mensen van verschillende generaties. Iemand van vijftig kijkt anders naar een huis dan iemand van dertig. Dat zorgt voor kruisbestuiving en voor een uitwisseling van skills.”
“Als een klant een Obumex-interieur vraagt, moet je eerst op zoek gaan naar de stijl die bij hem of haar past. En dan heb je nog het onderscheid tussen de sferen: landelijk, stad, zee of gebergte. De gebergtevariant wint trouwens enorm aan belang in ons portfolio.” Ostyn toont creaties voor chalets in Verbier, Crans-Montana en Megève. “Die chalets in skigebieden, dat is opnieuw een heel andere wereld: massief hout, sculptuurwerk, warmte, …”
6. DE TEKENAAR
“Ik wil gerust een vouwmeter gaan halen. Ik ben zeker dat dit 105 centimeter is.”
Hij wijst naar een doorgang tussen een werkblad en een kookeiland in de showroom. “Minder is te smal. Dan kun je hier niet passeren met boodschappen. Dan kunnen hier geen twee mensen tegelijk koken. En op een render zie je zoiets niet.”
Ostyn heeft niets tegen renders en 3D-tekeningen. Zolang ze gecombineerd worden met een grondplan op schaal. “Op een grondplan zie je of een ontwerp werkbaar is. Je mag nog de mooiste renders hebben. Als de functionaliteit niet klopt, is die klant nooit tevreden. Never.” Ostyn legt uit dat er voor hem op dat vlak geen onderscheid bestaat tussen een groots prestigeproject of tussen Elements by Obumex, een nieuwe lijn bedoeld voor de betere appartementen, voor projectontwikkelaars en bouwpromotoren: “Die functionaliteit moet altijd kloppen.”
7. DE VAKMAN
“Met vakmanschap blijf je het verschil maken.”
Je moet automatiseren wat automatisch kan zonder kwaliteitsverlies. Maar met handwerk blijf je het verschil maken. Obumex zoekt daarom steeds naar de beste vaklui.
“Wij zitten in examencommissies van technische scholen. We bieden stageplaatsen aan de grootste talenten en proberen die dan te houden. En we zijn gestart met interne opleidingen in onze Obumex Academy. Maar je kan nog zoveel opleiden, de mensen moeten het zelf willen. Ik ga nog wekelijks eens langs in onze productiehal en als je daar tien minuten met iemand praat, voel en hoor je al snel of die passie voor het vak heeft. Zulke mensen denken graag mee, die hebben het juiste kwaliteitsbesef, die verleggen hun grenzen. Zonder die passie hou je het meestal ook niet langer dan twee jaar vol.”
8. DE VADER
“Transparantie is in familiebedrijven de sleutel voor een goede overdracht.”
Geert Ostyn was 27 toen zijn vader stierf, nog geen jaar na de diagnose kanker. Tijd om voor te bereiden was er niet. “Dan sta je daar. Dan moet je niet nadenken. Je moet gewoon dóén, dóén, dóén.” Die ervaring bepaalde hoe hij het zelf aanpakt – met zijn zoon Thomas en dochter Eline.
De overdracht werd bewust en transparant aangepakt.
“Als de eigenaar van een familiebedrijf zestig jaar wordt, beginnen mensen zich af te vragen wat er komt. Ze zeggen dat niet altijd. Maar toch is het zo. Wij hebben het organigram stelselmatig aangepast, zodat iedereen wist waar we naartoe gingen.”
Thomas leidt vandaag het bedrijf. Hij doorliep het hele traject, “van achter naar van voren”: van productie en werven tot ontwerp en verkoop. “Hij weet wat het is om een keuken te maken, om parket te leggen, om met natuursteen te werken.”
Eline is verantwoordelijk voor Parijs en een deel van Zuid-Frankrijk. Ze koos eerst haar eigen weg als architect. Ze werkte onder meer vier jaar bij John Pawson en twee jaar in São Paulo voor studio MK27 bij Marcio Kogan. “Die ervaring voel je als zij je meeneemt in een ontwerp. Zij heeft een bepaald soort inzicht. Heel knap.”
9. DE SFEERBRENGER
“Het creëren van gezelligheid zit in ons DNA.”
Als we door de showroom wandelen, maakt Ostyn meteen duidelijk dat minimalisme en gezelligheid elkaar niet uitsluiten. Meer nog, ze hebben elkaar nodig. “De keuken is geen aparte ruimte meer, maar het centrum van het huis. Wij presenteren hier ook geen afzonderlijke keukens. We integreren ze in een sfeer. Met een zithoek waar je kan ontbijten en aperitieven. De proporties, het licht, de materialen zorgen voor een wauw-effect, voor warmte, voor iets wat je niet kunt omschrijven.”
10. DE LEVENSGENIETER
“Ik jeun mij nog altijd.”
Zijn rol is veranderd. Zoon Thomas leidt nu het bedrijf. Zelf blijft hij betrokken, weliswaar zonder de operationele druk. En dat voelt bevrijdend. Hij is tevreden. Hij jeunt zich nog altijd.
“Ik was vanmorgen nog op een werf, in een kasteeltje. Met een jonge projectleider. Ik hou me op de achtergrond, maar achteraf geef ik tips en stuur ik bij. Jonge mensen coachen en opleiden: daar haal ik veel voldoening uit.”
Ostyn wijst om zich heen naar de keukens en meubels in de showroom waar het interview plaatsvindt. “Ik vertoef graag tussen mooie dingen. Ik creëer graag. Mee de ruimte mogen creëren waarin mensen wonen. Dat is een privilege. Mensen gelukkig kunnen maken door hun interieur mee vorm te geven: ik vind dat nog altijd fantastisch!”